Stel vraag

Overheid, Gemeente, Vergunning

Particulier


Ik heb ooit een oude schuur gekocht (1982). Hierop bleek een woonbestemming te rusten, omdat dit onderdeel is geweest van een totaal perceel. Dit perceel bestond uit een woonhuis en een schuur die tegen het woonhuis is aangebouwd. Nu blijkt dat sinds de administratieve wijziging (andere eigenaar schuur in 1982) er nog steeds een woonbestemming op het pand rust, maar hier geen woning in gesitueerd mag worden (omdat het niet één eigenaar betreft). Gesprekken met de gemeente hebben tot niets geleid. Hoewel zij formeel wellicht gelijk hebben (ik vraag me dat af), is er uiteraard fysiek aan de situatie niets gewijzigd. Omdat we nu in een impasse zitten ben ik benieuwd wat de mogelijkheden zijn.

Op de schuur zit geen woonbestemming want het was ooit een bijgebouw . Wel zal er op de kavel nog gebouwd moeten kunnen worden onder de huidige voorwaarden en regels van het bestemmingsplan. Het argument dat er niet gebouwd mag worden omdat er meerdere eigenaren zijn volg ik niet tenzij de gemeente bedoelt dat er niet meer dan een huishouden op de kavel mag wonen en niet meer dan een zelfstandige woning mag worden gebouwd.

Beoordeel dit antwoord:

Reactie van de vraagsteller

conform de tekeningen uit het 'verleden', zou de eigenaar van het huis in de schuur woonruimte mogen bouwen, als dit zijn eigendom zou zijn. Maar, aangezien ik dit pand in 1982 verworven heb en gedurende een tiental jaren heb verbouwd (van hout naar steen), blijk ik geen recht op te hebben op het aanpassen naar een woning. Sterker nog; er zit nog steeds een woonbestemming op het pand, maar de gemeente (Moerdijk) refereert naar bovenstaande. Dit verbaasd mij. Zijn hier mogelijkheden?


Dan zou ik eigenlijk de exacte bewoording die is gebruikt in de vergunning moeten bestuderen en toetsen, ook aan het huidige bestemmingsplan. Een vergunning betrekking hebbende tot wonen moet in beginsel zakelijk en objectgerichte werking hebben tezij er sprake is van destijds geldend overgangsrecht , een bijzondere situatie van uitsterfbeleid. Kan de gemeente buiten de zinnen die zij steeds herhaald zich ook beroepen op de wet , bestemmingsplan, beleid , inclusief de artikelen?

Beoordeel dit antwoord:

Reactie van de vraagsteller

conform de tekeningen uit het 'verleden', zou de eigenaar van het huis in de schuur woonruimte mogen bouwen, als dit zijn eigendom zou zijn. Maar, aangezien ik dit pand in 1982 verworven heb en gedurende een tiental jaren heb verbouwd (van hout naar steen), blijk ik geen recht op te hebben op het aanpassen naar een woning. Sterker nog; er zit nog steeds een woonbestemming op het pand, maar de gemeente (Moerdijk) refereert naar bovenstaande. Dit verbaasd mij. Zijn hier mogelijkheden?


Mijn mening is dat indien het huidge bestemminngsplan wonen toestaat u binnen de gegeven grenzen een omgevingsvergunnng zou moeten kunnen afdwingen, ongeacht het bestaan van de oude vergunning. Is er al een voortoets geweest ?

Beoordeel dit antwoord:

Het punt is dat het bestemmingsplan voor het hele perceel een woonbestemming gaf, maar dat de woning kadastraal is afgesplitst. De schuur mag worden gebruikt ten behoeve van een woonfunctie (garage, hobbyruimte). Maar de schuur als woning in gebruik nemen (of daar een nieuwe woning bouwen) mag niet, als op het perceel maar één woning is toegestaan, of het aantal woningen door bijvoorbeeld een bouwvlak is begrensd.

Als het aantal woningen niet is gemaximeerd, is voorstelbaar dat op het perceel wél een woning mag worden gebouwd. Hoe het precies zit, wordt door het bestemmingsplan bepaald. Als u mij laat weten om welk adres het gaat, kan ik het wel even voor u nagaan.

Beoordeel dit antwoord:

Reactie van de vraagsteller

het betreft het pand aan de X te Y. De houding van de gemeente mbt dit pand is afwijkend tov een andere case, aangezien er enkele jaren geleden in de nabijheid een gelijksoortige actie is uitgevoerd waarbij de gemeente wel heeft ingestemd. Ik hoor graag van u.


Artikel 11 van het bestemmingsplan bepaalt dat het maximaal aantal toegestane woningen wordt bepaald door het aantal woningen dat ten tijde van de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan al aanwezig was. Daarmee is het aantal woningen dus gefixeerd.

Indien u van mening bent dat er sprake is van een identieke situatie als in het 'andere' geval dat u noemt, zou de gemeente op grond van het gelijkheidsbeginsel wellicht medewerking moeten verlenen aan de komst van een nieuwe woning. Hoe zich dat verhoudt tot de industriële geluidszone waarbinnen de schuur ligt, kan ik op dit moment niet beoordelen.

Beoordeel dit antwoord:

Gratis antwoord op juridische vraag

Stel vraag